Rapporten
 
 
RAPPOR­TEN
 
In het schooljaar 2012-2013 zullen op de volgende tijdstippen rapporten worden uitgereikt :
 
REGELS TEN AANZIEN RAPPORTCIJFERS (ONDERBOUW)
 
In de onderbouw wordt na elk van de vier periodes een periodecijfer  (in één decimaal nauwkeurig gegeven) en een rapportcijfer dat in hele en halve cijfers het voortschrijdend gemiddelde aangeeft. De berekening van dit voortschrijden gemiddelde gebeurt via één de twee onderstaande standaardmodellen. In beide modellen worden de periode cijfers aangegeven met P1 t/m P4 en de rapportcijfers met R1 t/m R4
 
Model 1
 
Dit model wordt gehanteerd door de secties aardrijkskunde, biologie, geschiedenis, kunst (muziek), lichamelijke oefening, natuurkunde en techniek.
 
Model 2
 
 
Dit model wordt gehanteerd door de secties Duits, economie, Engels, Frans, klassieke talen, kunst (drama), kunst (beeldend), Nederlands, scheikunde en wiskunde.
 
Aanvullende regels voor het onderbouwrapport
 
REGELS  TEN AANZIEN VAN  RAPPORTCIJFERS (BOVENBOUW)
 
In de bovenbouw wordt het eindcijfer voor alle vakken in een bepaald leerjaar uitgedrukt in een geheel cijfer uit de reeks 1 tot en met 10. Daarbij gelden de volgende regels :